Eric Heres schreef een treffend artikel over de aandacht voor mantelzorgers van mensen met NAH. Eric kent NAH en weet heel goed hoe het zit.
Na een breinincident gaat alle aandacht naar degene die het overkomt. Volstrekt logisch. Maar ergens tussen ziekenhuisbed, revalidatie en thuis zijn, raakt vaak iemand uit beeld: een partner of naaste.
Onderzoek van revalidatiearts en hoogleraar Anne Visser-Meily (UMC Utrecht) liet in 2015 zien dat 95 procent van de mantelzorgers van iemand met niet-aangeboren hersenletsel (NAH) zich overbelast voelt, tegenover 50 procent van mantelzorgers in het algemeen. Bovendien voelt 52 procent van de NAH-mantelzorgers zich ongelukkig.
Recent onderzoek onderschrijft de enorme druk op de mantelzorger. Het rapport Mantelzorg in beweging van het Sociaal en Cultureel Planbureau (2026) laat zien dat het aantal ernstig belaste mantelzorgers op 600.000 ligt.
Onderzoeker Brenda van den Broek (Radboud UMC/Kenniscentrum NAH+), in 2025 gepromoveerd op partnerrelaties na NAH, zegt het treffend in een podcast van Patiëntenvereniging Hersenletsel.nl: aandacht voor de partner is vanaf de eerste dagen cruciaal, maar in de praktijk gaat het anders. "Als partners al betrokken zijn, dan gaat het er vooral over dat ze leren hoe ze mantelzorger worden. Eigenlijk wordt vergeten dat het voor hen ook een hele ingewikkelde periode is."
Dat moet echt anders, beter. NAH-mantelzorgers verdienen meer erkenning, meer ruimte voor zichzelf en minder schuldgevoel als ze die ruimte nemen! Hoe dat bijvoorbeeld zou kunnen beschrijft Eric Heres in de rubriek De Andere Blik op zijn website.